Over hoe mijn pad steeds duidelijker wordt

Door de heftige periode 2019-2020 met een scheiding, een ongeluk, een ontslag en een pandemie had ik veel geleerd. Ik had geleerd eerlijker te zijn. Meer los te laten. Meer te leunen en te vertrouwen. Telkens vertelde ik mezelf dat het niet gaat om grote stappen of grote veranderingen, maar om elke dag een beetje beter te worden. In podcasts en blogs reflecteerde ik. Met Margot besprak ik het. Ook in elke tiende podcastaflevering. En ik werd er ook echt beter in. Regelmatig stilstaan en reflecteren zorgt er ook voor dat het inslijt. Het opschrijven borgt het tussen je oren. Door eigen blogs te lezen, podcasts terug te luisteren door mijn boek te schrijven kom ik ook echt verder. Ik begrijp het steeds beter. Hoe het werkt. Hoe het gaat. Wat ik moet doen. En juist niet. Door actief terug te kijken, vooruit te filosoferen en vooral door te doen en dat te ervaren. Actief te ervaren.

Vroeger was ik helemaal niet van de spotlight. Ik zou mezelf als verlegen typeren. Af en toe nog steeds wel. Ik deed het niet heel goed op de basisschool. Was de enige met huiswerk. Ik herinner me een keer dat ik na een spreekbeurt op mijn plek ging zitten en klasgenoot Hans zei: “Er bestaat ook zoiets als deo.”

Op de middelbare school was ik een goed slachtoffer voor de stoere pestjongens. En zoals ik al beschreef was mijn schoolperiode verder ook geen logische rechte lijn op weg naar waar ik nu sta.  Ik ging niet naar de universiteit omdat ik me totaal niet thuis voelde in het schoolsysteem. Ik had het idee dat ik meer zou kunnen leren als ik ging werken dan in de theorie van de universiteit. Juist dat praktische is wat mij nog steeds zo goed ligt. De theorie zoek ik er wel bij. En heeft nu al tot vijf boeken geleid. In een assessment dat ik ooit deed scoorde ik bij de hoogste 25% op universitair niveau. En dat met een mavo/havo-advies vanuit de basisschool.

Wat zeggen al die labels eigenlijk? Allemaal labels met allemaal gevolgen. Ik zie het ook bij mijn kinderen. Met de discussie over hoog- versus laagopgeleiden (of theoretisch versus praktisch). Wat je hebt gestudeerd zegt helemaal niks. Wat je hebt gedaan zelfs maar deels. ‘Hire for talent, not for skills’, is een credo dat ik altijd heb nageleefd. Best lastig in een grote corporate, maar dan maar rebelleren. En zo rebelleer ik ook door in mijn eigen carrière. Ik weet niet wat ik later wil worden, maar weet wel steeds beter wie ik ben.

Jort Verhage was toen ik hem sprak achttien jaar en hij had een carrière als hofnar opgestart. Een rol die mij erg aantrok. En aantrekt. Jort had zijn gymnasium afgerond en verhuurde zichzelf aan directies van bedrijven om feedback te geven. De stem van de werkvloer naar boven te vertalen.

Zoals op de website van zijn bedrijf De Hofnar staat:

“De moderne hofnar geeft gevraagd en ongevraagd advies, houdt spiegels voor, benoemt blinde vlekken en biedt liefdevolle tegenspraak binnen bedrijven, overheden én onderwijsinstellingen. De Hofnar werkt aan een meer open, transparante en veilige organisatiecultuur, opdat alles kan worden gezegd wat wordt gedacht en wordt gevoeld.”

Hij was verdomme 18 en zat aan tafel bij de directie van AFAS om hen te vertellen hoe het zit. Dat kan gewoon. Wat zou hij hierna gaan doen? Deze lijn doorzetten, was zijn antwoord. En aan zijn bedrijf bouwen. En inderdaad, inmiddels is De Hofnar een bedrijf met meerdere hofnarren en zet hij zichzelf als ‘Mr. Hofnar’ in bij bedrijven en organisaties.

Alles wat je hebt gedaan en wat er is gebeurd heeft geleid tot waar je nu staat. Het is gegaan zoals het is gegaan. En het zal gaan zoals het gaat. Deels vanwege de keuzes die je maakt, deels door dat wat er om jou heen gebeurt.

Het heeft geen zin te verwachten dat morgen alles ineens anders is. Al helemaal niet dat dat gebeurt als je er zelf niets aan doet.

Het gebaande pad is gebaand geworden omdat we graag achter elkaar aan lopen. Deels omdat het niet zo zinvol is telkens nieuwe paden te maken. Deels omdat wij niet diegene durven te zijn die uit de rij stappen.

Vandaag ben ik gaan lopen

Waar ik ga is van nu af aan een weg

– Acda en de Munnik –

Van Hanneke Kiel-de Raadt en Wendy van Wijngaarden leerde ik in mijn podcast over hoe je pad zich vormt als je het beloopt. Hanneke ging voor haar boek ‘Dit wil ik!’ op zoek naar verhalen van mensen die ervoor kozen het gebaande pad te verlaten en daarmee een nieuw pad te maken. Met Wendy concludeerden we dat je een pad niet moet maken, maar dat je jouw pad moet vinden. Het ligt er al, ergens onder het zand.

Dat sluit aan bij wat ik leerde van Martijn Mensink, Marc Peeters en Willem Roding. Het heeft geen zin je druk te maken over wat er allemaal gaat gebeuren, het gebeurt toch wel. Jouw pad is jouw pad. En pas als je je daaraan overgeeft, vind je rust.

Toen ik te gast was in de podcast van Wendy ontdekte ik terugkijkend op de laatste paar jaar dat mijn pad zich heel duidelijk gevormd had. In een serie kleine stapjes ben ik gekomen waar ik nu ben. Dit heeft mij op een plek gebracht waarvan je goed zou kunnen concluderen dat ik gelukkig ben.

Toch blijven de stemmetjes in mijn achterhoofd zeuren. De stemmetjes waar ik van Willem Roding niet naar moet luisteren. Met Jenny Badreddine had ik het ook over die zoektocht. Over die ontevredenheid. Over het zoeken naar jezelf en daar dan een vorm bij vinden om die zelf tot uiting te laten komen. Open en eerlijk durven zijn naar jezelf over wie je bent en wat je wil. Zoals ik ook met Ank Kampman besprak. Durven kiezen voor je eigen pad. En ondertussen kunnen zien waar je staat. Inzien waar je staat.

Inzien waar ik sta. Dat ik op een plek ben gekomen waar ik alles kan doen wat ik wil doen op de manier waarop ik dat wil doen. Me vooral niet zo druk maken over alles wat mis kan gaan. Vol voor Plan A gaan. Zonder een Plan B. Zoals Arnold Schwarzenegger (heeft iemand zijn nummer om hem te bellen voor een volgende aflevering?) zegt: “I hate Plan B.”

Want, zo stelt hij, Plan B geeft je de veiligheid om op terug te vallen. Plan B bestaat omdat je twijfelt aan Plan A en Plan B geeft die twijfel vorm. De veiligheid van Plan B maakt je lui. Er mag alleen maar Plan A zijn. Dat is je pad. Natuurlijk wordt het niet zo’n mooie rechte lijn omhoog als je had gepland. Want er is altijd nog die vervelende realiteit. Al die dingen waar je niet op had gerekend. Alles wat misgaat. Dan moet je kunnen vertrouwen dat het goed gaat. Dan moet je je angsten hebben overwonnen, misschien wat geld achter de hand hebben. Of weten dat je op anderen kunt terugvallen. Anders staat Plan A alleen maar voor Angst.

Steeds beter begrijp ik wie ik ben. Wat ik wil doen. En hoe ik dat wil doen. Het is heel simpel. En heel moeilijk. Ik wil vooruit. En stilstaan. Ik wil antwoorden, en nieuwe vragen. Onderzoeken. Vinden.

Mijn ego wil gelijk hebben. Wil bevestiging hebben. Vooruitgang zien. Het wil horen dat het uniek is. Hoe verder ik kom, hoe meer ik een eigen verhaal ontwikkel, dat onafhankelijk van anderen kan bestaan. Ontdek je meer wie je bent naarmate je ouder wordt omdat je meer hebt ervaren en hebt uitgeprobeerd, of omdat je je minder aantrekt van anderen en meer jezelf durft te zijn? Of gaat dat hand in hand en versterkt het elkaar?

Ik word beter in het laten horen van mijn stem en daar naar te luisteren, sta sterker in mijn schoenen en ontdek steeds meer dat alle verhalen die ik heb bedacht helemaal niet kloppen.

 

Groeten,

 

Frank

Deze post is (een bewerking van) een paragraaf uit ‘En nu eerlijk!

En nu eerlijK!

Een boek over eerlijk zijn naar jezelf, over jezelf accepteren. Met mezelf als lijdend voorwerp. Een open en eerlijke kijk op stormachtige gebeurtenissen in een periode waarin alles in mijn leven veranderde.

En toen veranderde ik.